OVERZICHT TENTOONSTELLINGEN in het LOUIS COUPERUS MUSEUM
1996 – 2007

 

25 - VAN OUDE MENSEN EN NIEUWE DINGEN
25 november 2007 t/m 18 mei 2008

De tentoonstelling liep parallel aan het thema van de boekenweek van 2008: Van oude mensen. De derde leeftijd en de letteren. Deze titel doet natuurlijk onmiddellijk denken aan de roman Van oude menschen, de dingen, die voorbijgaan... Het is bijna een open deur om te zeggen dat oude mensen, een grote plaats innemen in Couperus’ werk. Maar hoewel Couperus zichzelf met de gebruikelijke zelfspot een ‘passatist’ noemde, was hij als schrijver heel modern voor zijn tijd. Eigentijdse actuele ontwikkelingen zoals anarchisme, vredesbeweging, vrouwenemancipatie en de Boerenoorlog komen in zijn boeken van meet af aan aan de orde. Nieuwe technische ontwikkelingen zoals de telefoon, de auto en het vliegtuig vinden we in al zijn romans. De tentoonstelling bracht deze paradox – niet de enige in leven en werk van de auteur – aan het licht.

 

24 - DE GRENZEN DER BETAMELIJKHEID
23 juni – 18 november 2007

’De vrouw die gelezen heeft. Kan zij ooit de vrouw worden die ze was, de vrouw die nog niet had gelezen?’(Kristien Hemmerechts). Een expositie over vrouwen en leesgewoontes rond 1900, en de bijdrage die Couperus aan deze ontwikkeling geleverd heeft.

 

23 - TURF IN JE RANSEL
18 november 2006 – 24 mei 2007

Parallel aan de expositie Geef acht! De ontwikkeling van het militaire genre in de negentiende eeuw in het Haags Gemeentemuseum (23 december 2006 – 9 april 2007), organiseert het Louis Couperus Museum een tentoonstelling over de reflectie van Den Haag als garnizoensstad in leven en werk van Louis Couperus.

 

22 - HOMMAGE AAN COUPERUS
11 JUNI – 12 NOVEMBER 2006

Ter gelegenheid van het tienjarig lustrum van het Louis Couperus Museum werd een tentoonstelling georganiseerd rond recente bibliofiele uitgaven naar aanleiding van Couperus’ werk.

 

21 - COUPERUS EN NIETS DAN COUPERUS!
13 OKTOBER 2005 – 4 JUNI 2006

In september 2004 is bij uitgeverij Waanders het eerste deel verschenen van de nieuwe geschiedschrijving over Den Haag, getiteld De geschiedenis van Den Haag. Het derde en laatste deel, dat de negentiende en twintigste eeuw behandelt, verscheen in het najaar van 2005. In dit deel komt Couperus uiteraard ook aan de orde. In verband hiermee organiseerde het Louis Couperus Museum een tentoonstelling die alle aandacht vroeg voor Couperus en zijn band met zijn geboortestad Den Haag.

 

20 - COUPERUS’ LAATSTE REIS
5 MEI – 9 OKTOBER 2005

Een expositie van de illustraties door Hans van der Horst, uit 1989, bij Couperus’ laatste reis naar het Verre Oosten in 1921-1922, in opdracht van het weekblad De Haagsche Post. De reisverslagen die Couperus schreef over zijn ervaringen in Nederlands-Indië werden posthuum gebundeld in het boek Oostwaarts (1923). De tentoonstelling valt in het kader van de manifestatie ‘Indische Zomer’, een initiatief van Museum Mesdag.

 

19 - ‘DE OCEAAN VAN MUZIEK IS VOORBIJ GEGOLFD.’ MUZIEK IN HET LEVEN VAN LOUIS COUPERUS
4 NOVEMBER 2004 – 1 MEI 2005

De expositie onderzocht de functie van muziek in leven en werk van de schrijver. Te zien waren theateraffiches, kostuums en foto's van schouwburgen en operavoorstellingen (in binnen- en buitenland) die Couperus volgens zijn geschriften bezocht heeft. In de serre van het Museum was een operadecor van de beroemde negentiende-eeuwse decorontwerper Bart van Hove gereconstrueerd. Een casette met muziek uit werk en leven van Couperus was te beluisteren op de expositie. De tentoonstelling viel samen met het honderdjarig jubileum van het Haagse Residentieorkest in november 2004.

 

18 - KUNSTZAAL KLEYKAMP EN LOUIS COUPERUS. TWEE HAAGSE FENOMENEN
6 MEI – 31 OKTOBER 2004

Een expositie over de legendarische Haagse kunsthandel waar ook Louis Couperus voorgedragen heeft. De kunsthistorica Ilja de Rijk reconstrueerde de geschiedenis van de kunstzaal. Te zien waren kunstwerken die in Kleykamp verhandeld zijn in de periode dat Louis Couperus er lezingen hield (tussen 1915 en 1923). Dit behelsde zowel kostbare ‘Aziatica’ als werk van tijdgenoten zoals Willem van Konijnenburg, Toon Kelder en natuurlijk Jan Toorop.

 

17 - DE WEIFELENDE SEKSE. DE OPVATTINGEN OVER HOMOSEKSUALITEIT ROND 1900 EN HET WERK VAN LOUIS COUPERUS
20 NOVEMBER 2003 – 2 MEI 2004

Rond 1900 was het denken over homoseksualiteit aan ingrijpende verandering onderhevig. De tentoonstelling illustreerde de nieuwe tendenzen en plaatste het werk van Louis Couperus in deze ontwikkeling. Speciaal aan de orde kwamen Couperus’ romans Noodlot (1890), De berg van licht (1905-1906) en De komedianten (1917).
De expositie werd samengesteld door de historicus Martijn Icks.

 

16 - ANTOON VAN WELIE. PORTRETTIST EN SYMBOLIST
20 JUNI – 16 NOVEMBER 2003

Een dubbeltentoonstelling, samen met Museum Mesdag, over de nu vergeten, maar destijds zeer bekende schilder die ook Couperus portretteerde. Antoon van Welie (1866-1956) maakte rond 1900 vooral in het buitenland furore als portretschilder van de elite. In Nederland portretteerde hij kunstenaars zoals Willem Kloos, Marcellus Emants en Eduard Verkade. Het bekende portret van Louis Couperus uit 1916, dat helaas verloren is gegaan, was de aanleiding tot de organisatie van deze dubbeltentoonstelling. Het Louis Couperus Museum toonde portretten van tijdgenoten die Couperus ook had gekend. In Museum Mesdag was Van Welie’s symbolistisch werk te zien.
De tentoonstelling werd samengesteld door de kunsthistorica Maureen van Wezendonk.

 

15 - GESCHIEDENIS LOUIS COUPERUS GENOOTSCHAP
10 APRIL – 15 JUNI 2003

Een tentoonstelling naar aanleiding van het tienjarig bestaan van het Louis Couperus Genootschap.
Het eerste Louis Couperus Genootschap werd opgericht kort na de dood van de schrijver. Voorzitter was Couperus’ biograaf Henri van Booven. Deze organisatie overleefde de crisisjaren niet. Het Genootschap werd in 1993 opnieuw opgericht door twee Leidse studenten geschiedenis, José Buschman en Joyce Rijken. De expositie illustreerde de activiteiten en wederwaardigheden van beide Genootschappen, in het kader van hernieuwde belangstelling voor het werk van de schrijver vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw.

 

14 - COUPERUS EN ZIJN COLLEGA’S. HET LITERAIRE KLIMAAT IN DEN HAAG, CA. 1880-1920
10 OKTOBER 2002 – 6 APRIL 2003

De expositie bood een reeks portretten van het Haagse literaire leven in Den Haag in de periode dat Couperus zijn grote werken schreef. Tevens werd ingegaan op de band die de auteur had met zijn collega’s. Aan bod kwamen onder andere zijn jeugdvrienden Frans Netscher en Marcellus Emants, Carel Vosmaer die hij bewonderde, voorgangers zoals Geertruida Bosboom Toussaint en J.J. Cremer en natuurlijk zijn leermeester Jan ten Brink.

 

13 - COUPERUS IN ENGLISH. EEN TENTOONSTELLING OVER DE VERSPREIDING VAN HET WERK VAN COUPERUS IN HET ENGELSE TAALGEBIED
11 APRIL – 13 OKTOBER 2002

Het werk van Louis Couperus werd tussen 1890 en 1930 veel in het Engels vertaald.
De tentoonstelling toonde portretten van vooraanstaande figuren uit de ‘yellow nineties’ die Couperus heeft gekend of waarmee hij heeft gecorrespondeerd zoals Edmund Gosse, John Gray, George Moore, William Rothenstein en Arthur Symons. De tuinkamer van het museum bevatte de reconstructie van de fotostudio van Emile Hoppé, de bekende society fotograaf die ook Louis Couperus portretteerde in 1921.
De expositie werd samengesteld door Caroline de Westenholz.

 

12 - ELISABETH COUPERUS-BAUD. EEN EXPOSITIE OVER ‘DE VROUW ACHTER DE SCHRIJVER’
11 OKTOBER 2001 – 7 APRIL 2002

Voor het eerst werd aandacht geschonken aan Couperus’ echtgenote. Elisabeth Couperus-Baud schreef vrijwel al Couperus’ manuscripten in het net over en was volgens de auteur zijn strengste criticus. Daarnaast hield zij zich bezig met vertaalwerk. Zo bezorgde zij de eerste Nederlandse vertaling van de geruchtmakende roman The portrait of Dorian Gray van Oscar Wilde. Te zien was onder andere een aantal voorwerpen uit haar eigen bezit.
De figuur van Elisabeth werd belicht tegen de vrouwengeschiedenis in haar tijd. Rond 1900 was het denken over de positie van de vrouw in de samenleving zeer in beweging. De tentoonstelling werd samengesteld door Eugenie Boer.

 

11 - ‘IK BEN EEN GEREÏNCARNEERDE ROMEIN’. COUPERUS EN DE ROMEINSE OUDHEID
5 APRIL – 7 OKTOBER 2001

De eerste jubileumtentoonstelling was gewijd aan het onderwerp dat Couperus zo na aan het hart lag: de Romeinse oudheid. Hier werd onder andere aandacht besteed aan de romans De berg van licht (1905-1906), De komedianten (1917) en het verhaal ‘De naumachie’ (1912). Aan de hand van schilderijen, beeldhouwwerk, foto’s, boeken uit zijn bibliotheek en de door hem verzamelde prentbriefkaarten werd de sfeer opgeroepen waardoor Couperus zich geïnspireerd wist.
De lustrumtentoonstelling werd geopend door Frédéric Bastet, archeoloog en onder meer auteur van Louis Couperus, een biografie (Amsterdam/Antwerpen 1987).

 

10 - COUPERUS INSPIREERT ... BEELDEND KUNSTENAARS VAN JAN TOOROP TOT JAN WOLKERS
16 NOVEMBER 2000 – 1 APRIL 2001

Een selectie van de vele illustraties, schilderijen, ontwerpen en beeldhouwwerken die in de loop der jaren zijn gemaakt naar aanleiding van Couperus’ werk. De tentoonstelling kwam tot stand in samenwerking met het Haags Schilderkunstig Genootschap Pulchri Studio dat in de maand december de manifestatie ‘Updating Couperus’ organiseerde.

 

9 - NIPPON. LOUIS COUPERUS EN JAPAN
15 JUNI – 12 NOVEMBER 2000

In het kader van de manifestatie ‘400 jaar Handelsbetrekkingen tussen Nederland en Japan’ organiseerde het Couperus Museum een expositie over Couperus’ ervaringen in het land van de Rijzende Zon. In 1921 reisde Couperus in opdracht van het weekblad De Haagsche Post naar het Verre Oosten. Tussen maart en augustus van het jaar 1922 trok hij door Japan. Hij legde zijn ervaringen vast in de posthuum gepubliceerde boeken Nippon (1925) en Het snoer der ontferming (1924).
Het Couperus Museum vertoonde voor de eerste maal een serie foto’s van locaties en onderwerpen in Japan, afkomstig uit de nalatenschap van de schrijver. Zij werd mede georganiseerd door de Japannoloog Chris van Otterloo.

 

8 - ‘DE BAND IS FIJN GETEEKEND.’ LOUIS COUPERUS IN EERSTE DRUK
20 JANUARI – 11 JUNI 2000

Tentoonstelling naar aanleiding van de publicatie van het boek Versierde verhalen. De oorspronkelijke boekbanden van Louis Couperus’ werk 1884-1925 door H.T.M. van Vliet (Den Haag/Amsterdam 2000). Couperus’ werk is tijdens zijn leven verschenen in fraaie, door gerenommeerde kunstenaars ontworpen banden. Tot de ontwerpers behoorden kunstenaars als Jan Toorop, Chris Lebeau, R.N. Roland Holst en de architect H.P. Berlage. Op de expositie werden de verschillende boekbanden en de oorspronkelijke ontwerpen daarvoor voor het eerst samen vertoond.
De tentoonstelling werd samengesteld door Eugenie Boer.

 

7 - VAN BOEK TOT STUK. ’VAN OUDE MENSCHEN’ OP HET TONEEL
16 SEPTEMBER 1999 – 16 JANUARI 2000

Op 18 september werd de Koninklijke Schouwburg in Den Haag na een restauratie van bijna drie jaar feestelijk geopend. Dit werd gevierd met een opviering van het toneelstuk Oude mensen van Willem Jan Otten, een bewerking van Couperus’ roman Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan… (1906). Het Louis Couperus Museum wijdde een tentoonstelling aan de totstandkoming van het toneelstuk. Kostuums, maquettes en scenario’s riepen een beeld op van de overgang ‘Van boek tot stuk’. De TVfilm naar de roman, met de legendarische rollen van Caro van Eyck en Paul Steenbergen als de twee protagonisten, uit de jaren 1970 was eveneens te zien op de tentoonstelling.

 

6 - LOUIS COUPERUS EN PIER PANDER. TWEE VERWANTE ZIELEN
1 APRIL – 12 SEPTEMBER 1999

Een expositie over de Friese beeldhouwer Pier Pander, met wie Couperus bevriend was. Pander komt onder de naam Fedder voor in de roman Metamorfoze (1897). Aan de beeldengroep Uchtend, Gevoel, Gedachte, Moed en Kracht heeft Couperus een aantal sonnetten gewijd. Couperus en Pander hadden beide diepe interesse voor de theosofie, de geestesstroming die ten grondslag lag aan Panders ideaal: het Pier Pander tempeltje te Leeuwarden, dat na de dood van de beeldhouwer tot stand kwam. Het tempeltje was op de expositie deels gereproduceerd. De tentoonstelling werd samengesteld door Eugenie Boer.

 

5 - LÉERT MIJ DE VERRE VREUGDE EÉNS TE BEREIKEN!
4 OKTOBER 1998 – 28 MAART 1999

Een tentoonstelling naar aanleiding van de film A woman of the north (naar Couperus’ roman Aan den weg der vreugde uit 1908) onder regie van Frans Weisz. De film was een co-productie van Hungry Eye Lowland Productions b.v., de Nederlandse Programma Stichting en Alia Film srl. Te Rome. Hij kwam in september 1999 in de bioscoop.

 

4 - ZOO IK IÈTS BEN, BEN IK EEN HAGENAAR
LOUIS COUPERUS EN DEN HAAG
2 APRIL – 27 SEPTEMBER 1998

In het kader van de manifestatie ‘750 jaar Den Haag’ wijdde het Louis Couperus Museum een tentoonstelling aan de band de schrijver met zijn geboortestad. Hierbij werd bijzondere aandacht besteed aan zijn debuutroman, Eline Vere (1889). Te zien was o.a. een speelse inrichting van het ‘boudoir’ van Eline Vere.

 

3 - EEN DANDY DECLAMEERT, LOUIS COUPERUS EN DE VOORDRACHTSKUNST
5 JUNI 1997 – 29 MAART 1998

Naar aanleiding van de publicatie van Met Louis Couperus op tournee. Voordrachten uit eigen werk 1915-1920 in recensies, brieven en andere documenten door prof. dr. H.T.M. van Vliet (Amsterdam 1998) werd Louis Couperus op deze expositie gepresenteerd als voordrachtskunstenaar. Te zien waren portretten van andere voordrachtskunstenaars en acteurs die als zodanig optraden in diezelfde tijd. Couperus liet zich bij zijn optredens van zijn meest dandyeske kant kennen.
De tentoonstelling sloot aan bij die in Museum het Paleis Lange Voorhout over de geschiedenis van het internationale dandyisme in de zomer van 1997.

 

2 - EEN WITTE STAD VAN WEELDE. LOUIS COUPERUS EN NICE 1900 – 1910
6 DECEMBER 1996 – 1 JUNI 1997

Van 1900 tot 1910 woonde het echtpaar Couperus in Nice. In de villa Jules aan de Avenue Saint-Maurice, zijn eerste adres, schreef de auteur onder andere De boeken der kleine zielen (1901-1902) en Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan… (1906). De tentoonstelling plaatste Couperus in het Nice van de Belle Epoque en bracht veel nieuw biografisch materiaal aan het licht. Het was de eerste keer dat het werk van de Niçois symbolist Gustav Adolf Mossa (1883–1971) in Nederland werd tentoongesteld. De expositie werd samengesteld door Caroline de Westenholz.

 

1 - DRIEMAAL OOSTWAARTS, LOUIS COUPERUS EN INDIË
10 JUNI – 2 DEC. 1996

Couperus is driemaal in Nederlands Indië geweest. Van zijn negende tot en met zijn vijftiende jaar woonde hij met zijn familie op het eiland Java. In 1899-1900 reisde hij met zijn vrouw door hun beider geboorteland. Couperus schreef er toen de boeken Langs lijnen van geleidelijkheid en De stille kracht (beide: 1900). In 1921 trok hij, in opdracht van het weekblad De Haagsche Post voor de derde keer naar Indië. Zijn columns werden posthuum gebundeld in het boek Oostwaards (1923).
De tentoonstelling riep een beeld op van het Nederlands-Indië zoals Couperus dat heeft gekend. Zij werd samengesteld door Juuf van Ballegoijen de Jong.